1. Zone 2011
  2. >
  3. Artikelen
  4. >
  5. Interview Minister Schultz-van Haegen

‘Mensen dwingen doen we niet’

Ons verkeer en vervoer zindert van de interactie. De manier waarop we onze infrastructuur inrichten, bepaalt in hoge mate ons gedrag. Minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu over haar beleid, ons weggedrag en hoe dit kan worden beïnvloed.

Uw beleid spitst zich toe op een betere benutting van de infrastructuur van weg, water en lucht. Is dat een kwestie van gedragsbeïnvloeding of van dwingende maatregelen?

Ik geloof erg in de eigen verantwoordelijkheid, van individuen en van bedrijven. Mensen dwingen doen we niet. Wel kunnen we bepaalde keuzes aantrekkelijker maken dan andere. Reizigers en forenzen hebben vaak meer opties dan ze zich realiseren – aan ons de taak om hen deze mogelijkheden aan te bieden. Zo kan het transport van goederen verdeeld worden over spoor, weg en water. De ene vorm van vervoer ontlast de andere. En als slechts 1.800 automobilisten besluiten pas na de ochtendspits de A13/A20 op te rijden, dan stroomt op die weg het verkeer door alsof het een vakantiedag is. Dat is niet moeilijk, elke werknemer kan dankzij de techniek overal en op elk tijdstip bereikbaar zijn. Voor een overleg hoef je niet allemaal in dezelfde kamer te zitten.

Is betere benutting voldoende om alle verkeers- en vervoersproblemen, met name de files, op te lossen?

Het is een illusie dat we alle files kunnen oplossen. Daarom kies ik voor een combinatie van maatregelen: bouwen én beter benutten. Dat is de beste manier om een netwerk te realiseren dat tegen een stootje kan. Zo remmen we de groei en zorgen we dat we beter kunnen doorrijden.

Is de verruwing in het verkeer een algemeen maatschappelijk verschijnsel of ziet u ook andere oorzaken, zoals verkeersdrukte en overlast?

Ik ben geen socioloog, dus ik weet niet of ik die vraag kan beantwoorden. Mijn gezonde verstand zegt echter dat wie gefrustreerd in een auto zit, eerder geneigd is uit te vallen naar andere weggebruikers. File is bij een grote groep een oorzaak van frustratie.

Ondanks alle pogingen zijn er nog steeds veel files. Ligt hier dan nog wel een overheidstaak – er zijn toch genoeg alternatieven?

De file is een maatschappelijk probleem waarbij de oplossing niet alleen bij de rijksoverheid ligt. Ik wees al eerder op de verantwoordelijkheid van het individu en bedrijven. Als je bij het ontbijt even goed nadenkt over je werkzaamheden van die dag en de techniek die je tot je beschikking hebt (Skype, e-mail enzovoort), is het dan echt nodig dat je gedurende het drukste moment van de dag de weg op gaat?
De verbetering van de bereikbaarheid lukt alleen als we allemaal bijdragen aan de oplossing. Daarom werk ik met regionale bestuurders en ondernemers aan dit probleem. Ik vraag van ondernemers dat ze kritisch kijken naar hun werktijden en de mogelijkheden van thuiswerken.
Op mijn beurt zorg ik er voor dat de spitsstroken langer open blijven en bouw ik verder aan het wegen-, spoor- en waternet. De aanleg van wegen versnel ik door onnodige, vertragend werkende regels en procedures te schrappen. Ruimte maken, investeren en beter benutten: dat vat mijn visie en aanpak het beste samen.

Welke kansen ziet u in nieuwe technologieën voor ons verkeer en vervoer?

De toepassing van nieuwe ICT-technieken is zowel voor het nieuwe werken als voor de reisinformatie en wegbeheer van groot belang. Ik verwacht dat de markt hierbij een rol kan spelen. Betrouwbare reisinformatie is de basis voor de reiziger om reiskeuzes te maken. Dit jaar spreek ik met bedrijven om in de eerste helft van 2012 tot praktische toepassingen te komen. Deze benadering richt zich op het snel verstrekken van informatie voor de reiziger. Het gaat dan bijvoorbeeld om de ontwikkeling van applicaties voor smartphones.

Welke prikkels en methoden zijn volgens u het meest kansrijk om het verkeersgedrag te beïnvloeden?

Met ons programma Slim Werken Slim Reizen willen wij dat er over vier jaar twee miljoen minder automobilisten in de spits rijden. Dit doen ze door vijftig grote bedrijven aan te moedigen het nieuwe werken te introduceren. Uit onderzoek blijkt dat met een beperkte financiële beloning mensen wel mogelijkheden zien om de spits te mijden. Het kan dus. En niet iedereen hoeft altijd de spits te mijden; met een betere spreiding van het aantal gebruikers over de dag zijn we al een heel eind. Zo rijden er een miljoen mensen in de spits, maar buiten de spits halveert dat aantal en rijdt het door. We moeten reizigers dus de mogelijkheid en keuze geven om anders, later of een keer niet te reizen.